‘De natuur als uitvinder’ is nu verkrijgbaar. Ga voor meer informatie of om het boek te bestellen naar www.denatuuralsuitvinder.nl.

Innovatie mythes

Er zijn mensen die spontaan pukkeltjes krijgen bij het woord innovatie. Omdat ze er slechte ervaring mee hebben of omdat het woord te pas en te onpas wordt gebruikt. Onder het motto ‘stilstand is achteruitgang’ kan echter geen enkel bedrijf zich aan het fenomeen onttrekken. Bovendien heet iets, per definitie, pas innovatie als het succesvol is: Innovatie is een idee succesvol toepassen in de praktijk. Een vijftal innovatie mythes onder de loep

Mythe 1: Wij hebben geen innovatie nodig
Nou, dat ligt eraan wat je wilt. Als je binnen afzienbare tijd failliet wil zijn, dan klopt dat. Wil je echter een succesvol bedrijf dat over een tijdje ook nog bestaat, dan kom je er niet onderuit: zonder innovatie geen continuïteit en succes. Een groot gevaar voor bedrijven is op de lauweren rusten omdat het product, de dient of het bedrijf momenteel loopt als een trein.

Onderzoek heeft uitgewezen dat op de langere termijn alleen die organisaties overleven die in staat zijn om continu te innoveren. Deze bedrijven gaan mee met de veranderingen in de wereld om hun heen, maken er gebruik van of veroorzaken zelfs zelf de verandering. Ze vinden zichzelf steeds opnieuw uit en hebben een efficiënt innovatie proces waardoor ze in staat zijn een concurrentievoordeel op te bouwen, door hun klanten beter te bedienen met superieure (goedkoper, betere kwaliteit, meer functies, geheel nieuw product) producten of diensten.

Overigens is het zo dat veel succesvolle en lang bestaande bedrijven zichzelf helemaal niet innovatief vinden, maar dat ze ‘gewoon hun ding doen’, of ‘gewoon hard werken’. Bij nadere beschouwing blijken dit zeer innovatieve bedrijven te zijn, die innovatie echter de gewoonste zaak van de wereld vinden (natuurlijke innovatoren) en daar dus geen apart woord voor hebben.

Mythe 2: We hebben een briljant idee nodig
Vaak wordt gedacht dat het hebben van een gouden idee voldoende is en de rest dan vanzelf wel komt. De praktijk wijst echter uit dat er goede ideeën genoeg zijn, maar dat het misgaat op de uitvoering. Een (goed) idee werkelijkheid laten worden is een monsterklus met vele aspecten die allemaal precies moeten kloppen om tot een succes te komen (zie ook Mythe 3). De kunst van innovatie is slechts 10% inspiratie en 90% transpiratie.

Ook hoeft een idee niet zo briljant of origineel te zijn. Het idee om bijvoorbeeld nieuwe, maar bestaande, technologie slim binnen het eigen bedrijf toe te passen is ook innovatie. Dit hoeft niet te leiden tot een nieuw product, maar bijvoorbeeld tot een efficiënter en goedkoper productieproces en daarmee tot een concurrentievoordeel.

Kortom: beter een goed uitgevoerd middelmatig idee, dan een slecht uitgevoerd briljant idee!

Mythe 3: Innovatie is een kwestie van geluk
Volgens deze mythe is innovatie een roulette spel of magie. Je hebt geen idee of je (briljante) idee een succes wordt of niet. Innovatie is echter geen kwestie van geluk (wel een beetje, zonder geluk vaart niemand wel), maar vooral van een goed doordacht proces. Over alle aspecten van dit proces valt veel te vertellen, maar in het kort komt het neer op de stappen: zoeken, selecteren, implementeren, lanceren, onderhouden en leren. Dit alles met in het achterhoofd wat er binnen en buiten het bedrijf gebeurt, wat past bij de bedrijfsstrategie, wat de kracht is van het bedrijf, hoeveel geld er beschikbaar is en met focus op één of enkele ideeën (portfolio) waarvan de kans groot is dat het zal slagen en daadwerkelijk iets toe gaat voegen aan het bedrijf.

Wie dit proces in al zijn aspecten goed onder de knie heeft dwing het geluk zelf af.

Mythe 4: Innovatie kost veel geld en levert niets op
Deze mythe sluit aan bij de voorgaande. In de praktijk wordt er nogal eens wat aan gerommeld onder het mom van innovatie. Uiteindelijk belandt het resultaat op de schroothoop en krijgt ‘innovatie’ de schuld: kost veel en levert niets op. Dit zegt echter niets over innovatie, maar alles over de uitvoering ervan.

Men kiest bijvoorbeeld een innovatieproject dat niet bij de strategie, de competenties of de markt past. Dit brengt het bedrijf uiteindelijk niets. Innovatieprojecten worden soms behandeld als ondergeschoven kindjes die te weinig aandacht krijgen en uiteindelijk worden opgedoekt met een desinvestering als gevolg. Of het project sleept zo lang dat de concurrent eerder is. Ook gaan innovatieprojecten mis omdat de aandacht op slechts één aspect ligt, bijvoorbeeld techniek en alle andere aspecten, zoals marketing, productie en service, worden vergeten. Er zijn dus veel manieren waarop het mis kan gaan, maar dat hebben we helemaal zelf in de hand.

Innoveren hoeft overigens ook niet tijdrovend en kostbaar te zijn. Soms is met eenvoudige en goedkope middelen in korte tijd een zinvolle innovatie te implementeren.

Mythe 5: Alleen grote bedrijven kunnen innoveren
Grote bedrijven hebben meestal meer power (financieel, marketing, medewerkers), maar zijn vaak ook log. Innovaties brengen altijd verandering met zich mee en hoe groter het bedrijf, hoe langer een verandering duurt.

Veel innovaties komen juist uit kleine bedrijven die snel, creatief en flexibel kunnen werken, met korte communicatielijnen tussen alle betrokken disciplines (techniek, marketing, financiën, verkoop). Door samenwerking met leveranciers, klanten, partners en zelfs concurrenten is het mogelijk het succes te vergroten en de kosten te verlagen. Klein maar fijn!